Mijn moeder zou morgen 91 zijn geworden. Dat is haar niet gegeven: op 22 oktober 2006 overleed ze. Op de niet onrespectabele leeftijd van 86 jaar. Niet in de wieg gesmoord, wat u zegt. En een goed leven geleefd. Tot mijn vader in mei 2005 overleed. Wat wij nooit gedacht hadden - want het was een zelfstandig wijf en begiftigd met een flinke dosis humor - gebeurde toch: ze ging kwakkelen. Viel veel en vereenzaamde. Ze miste haar man meer dan wij bevroedden. Ondanks de dagelijkse bezoekjes van mijn jongste broer en de inspanningen van mijn andere broers, schoonzusters, de kleinkinderen en mijzelf om haar zoveel mogelijk betrokken te houden. Nee, we hebben onszelf niets te verwijten.Maar natuurlijk vragen we onszelf toch af of het wel genoeg was. Dat is een kind eigen, vermoed ik.
Eerder deze week vond ik een filmopname terug van exact een maand voor haar overlijden. Op bezoek bij mijn oudste broer genoot ze van haar jongste achterkleinkinderen.
Ik mis haar iedere dag. Nog steeds. Sterker: iedere dag een beetje meer. Het leven brengt nu verrassingen mee die ik zo graag nog met haar had willen delen. Omdat ik nu zelf moeder en oma ben. Omdat ik weer een nieuwe liefde in mijn leven heb. Omdat ik liever kind wil zijn dan oudste generatie. Omdat ik haar goedkeuring wil.
Morgen breng ik bloemen naar haar graf. En zing ik zachtjes: ,,Lang zal ze leven.''
